Kleurrijke lappendeken als toevluchtsoord

 In Nieuwsoverzichten, Teamnieuws
Soms zijn het de bestuurders die voor inspiratie zorgen op de voetbalclub. Dat is zeker het geval bij het Groningse vv Mamio, waar vluchtelingen met open armen worden ontvangen. ‘De wederkerigheid – jij doet iets voor ons en wij doen iets voor jou – vind ik van groot belang.’

Sinds oktober 2015 bestaat het vijfde elftal van de Groningse vereniging Mamio louter uit Eritrese asielzoekers. Uit de hele noordelijke provincie melden ze zich driemaal in de week bij sportpark De Parrel aan de Eikenlaan in Groningen. Tweemaal voor een training en op zaterdag voor de wedstrijd. ‘Ze komen naar ons omdat ze zich hier thuis voelen’, zegt vv Mamio-voorzitter Roy Ramdat Tewari (51). ‘En altijd stipt op tijd.’ Ook een team van Syrische vluchtelingen bezoekt elke week het kunstgras. ‘Maar ze doen niet mee aan de competitie.’
Op deze zaterdag, als BAV Voetbalinfo een kijkje komt nemen, staat er voor Mamio 5 een competitie wedstrijd op het programma tegen Lycurgus 7. Het is bitter koud langs het veld, maar de Eritreeërs zijn op tijd en in de beste stemming.
Mamio haalt met zijn vijfde team, waarvoor zo’n 22 Eritrese spelers beschikbaar zijn, af en toe de media. Tewari haalt lichtjes zijn schouders op en met een milde glimlach zegt hij: ‘De grote stroom asielzoekers in ons land maakt er een hot item van. Voor ons is het niets nieuws. Wij doen dit al 30, misschien wel 40 jaar.’

11 Nationaliteiten
Mamio 1 telt elf nationaliteiten: Turkse, Marokkaanse, Irakese, Surinaamse, Indonesische, Antilliaanse, Nigeriaanse, Eritrese, Ghanese, Sierra Leonese én de Nederlandse. Meer dan 30 nationaliteiten bevolken de vereniging. Tewari: ‘In de jaren negentig, toen de Balkan-oorlog in alle hevigheid woedde, hadden we ook al een elftal met asielzoekers. Kroaten, Bosniërs, Serviërs, Montenegrijnen, Slovenen, ze speelden allen in een elftal. In het begin weigerden ze elkaar de bal toe te spelen. Later ging dat iets beter. De meesten spelen nog bij ons. Ze vieren hier hun feestjes en worden samen dronken. Dit jaar komt er zelfs een band uit Servië.’
In 1971 werd Mamio (Surinaams voor ‘kleurrijke lappendeken’) opgericht door en voor Surinamers.  Tewari: ‘Er wonen veel Surinamers in Groningen. Als student vind je nog wel een plekje bij een studentencorps, maar de jongens bij de straat konden nergens terecht. Onze club werd een toevluchtsoord.’

Soepel verliep de integratie binnen de KNVB niet. Een wedstrijd wilde (en wil) nog weleens uit de hand lopen. Niet iedereen kan goed omgaan met zijn emoties. De Fair Play Cup is zogezegd buiten bereik van Mamio, dat zijn domicilie in de Vogelaarwijk Paddepoel kent. Tewari ontkent de problemen niet. Het beeld van lastige vereniging raakt Mamio maar niet kwijt. Tewari: ‘Spelers spreken elkaars taal niet. Met gebaren worden bedoelingen uitgelegd. Dat loopt nog weleens mis.’

‘Het gaat om spelers waarvan een groot deel getraumatiseerd is. Die hebben hulp nodig. Sport werkt stimulerend om die trauma’s te beteugelen.’

Toch zegt de voorzitter er alles aan te doen zijn spelers respect voor de arbitrage en tegenstanders bij te brengen. ‘We schorsen bij misstappen niet, we royeren ze onmiddellijk.
Dit seizoen zijn we begonnen met een jeugdafdeling. ‘We gaan onze eerste elftalspelers zelf opleiden. Ook maatschappelijk. De jeugdspelers wordt gevraagd te klappen voor doelpunten die door hun tegenstanders worden gemaakt. Ook de ouders langs de kant moeten bij een tegendoelpunt applaudisseren. Ligt een tegenstander geblesseerd op de grond, schieten ze de bal direct buiten de lijnen. En na afloop elkaar keurig een hand geven. Om ze zo respect voor anderen bij te brengen’, aldus Tewari.

En daarmee snijdt de preses, die al twintig jaar zijn club op het juiste spoor probeert te houden, de andere, sociaal-maatschappelijke kant aan. Hangjongeren, die de buurt Paddepoel onveilig maakten, werden door Tewari c.s. opgevangen. Een aangepast programma, dat later door de KNVB zelfs werd overgenomen, zorgde ervoor dat die lastige jongeren weer iets om handen kregen. Ze werden ingezet bij werkzaamheden van Mamio en sommigen lopen nog steeds bij de club rond.
Ook eenzame ouderen, die in nabij gelegen appartementen wonen, worden uit hun isolement gehaald. Tewari: ‘We werken nauw samen met Stichting Voor Elkaar Groningen. Deze Stichting zet zich in voor goede doelen in de buurt die een groot publiek aanspreken. Spelers van Mamio krijgen kosteloos de kans een vak te leren.’

Vlekje
Inmiddels is Mohn Baldew aangeschoven, sinds 2014 is hij adviseur van Stichting Voor Elkaar Groningen. Baldew is controller bij ROC Noorderpoort in Groningen, voorzitter van het plaatselijke Bevrijdingsfestival, lid van de rekenkamer Groningen en heeft nog tal van andere functies, waarbij zijn maatschappelijke betrokkenheid een rol speelt. Zo is hij aandeelhouder bij MartiniZorg, de sponsor van Mamio 5.
Maar hij vindt dat er nog meer stappen gemaakt moeten worden. ‘Via de Stichting Voor Elkaar hebben we jongens van de club aan een baan geholpen.’ Baldew weer: ‘Gisteren heeft iemand met een ‘vlekje’ een vaste baan bij mij gekregen. Waar gebeurt dat nog?Een man op leeftijd, die net vader is geworden, zijn autorijbewijs heeft gehaald.  Daarvoor had hij een beroerd leven, waarvan ook gevangenissen deel uitmaakten. Nu functioneert hij geweldig. Als ik hem twee jaar geleden had gevraagd iemand met een stoma te verzorgen, was hij me wellicht aangevlogen. Nu doet hij dat werk met liefde.’

Roy Ramdat Tewari

vv Mamio-voorzitter Roy Ramdat Tewari

En alles bij de vereniging gebeurt zonder een cent subsidie. Baldew: ‘Omdat we vinden dat subsidies onbewust leiden tot minder scherpte. Je hoeft geen verantwoording af te leggen, je bent je eigen stuurman. Zonder subsidie zwelt de intrinsieke motivatie aan. Ze moeten het uit zichzelf doen.’
Zo heeft de club een plan op stapel staan, waarbij de spelers iets terug geven aan de maatschappij. Baldew bezit in een verzorgingstehuis enkele appartementen.Hulpvaardigheid van spelers kan daarbij gewenst zijn. ‘Ze kunnen het park bij het complex onderhouden. Zo zijn er tal van activiteiten te bedenken, waarbij de maatschappelijke betrokkenheid van de spelers een rol kan spelen. Die wederkerigheid – wij doen iets voor jou, jij doet iets voor ons – vind ik van belang. Het gaat om spelers, waarvan een groot deel getraumatiseerd is. Hebben op de vlucht familieleden verloren. Die hebben hulp nodig. Sport werkt stimulerend om die trauma’s te beteugelen.’

Recent Posts

Leave a Comment

Contacteer ons

Bedankt voor uw bericht. Wij proberen binnen 5 werkdagen te reageren op uw bericht.

Not readable? Change text.

Start typing and press Enter to search